woensdag 1 oktober 2008

Column 2: Eén missionaire roeping, twee sporen

(De columns in CV/Koers - De Nieuwe Koers - verschenen in 2008-2009)


Vijftien jaar geleden was De Baarsjes, de wijk waarin de Jeruzalemkerk staat, in veel opzichten op zijn Amsterdams gezegd een nebbish-buurt.  Veel woningen stonden er vervallen bij, er was veel sociale problematiek en je moest niet raar opkijken als iemand zomaar zijn afval uit het raam van de derde verdieping gooide. In die tijd groeide in de gemeente het verlangen een missionair-diaconaal project op te zetten. Vanuit ons wijkgebouw werd kinderwerk opgezet en in de loop van de jaren groeide dat uit tot wat het nu is: een herkenbaar en gewaardeerd project in de buurt.  Een volgende keer vertel ik daar meer over, maar nu alleen dit: dit werk ontstond vanuit de wisselwerking tussen de Bijbelse missionaire roeping en de specifieke context van dat moment.

Inmiddels is De Baarsjes, net als veel andere wijken binnen de ringweg, aan het veryuppen. Een deel van de huurwoningen wordt verkocht, voor snel stijgende prijzen, en de nieuwe bewoners zijn vaak jonge, hoogopgeleide mensen.  De gevolgen worden steeds zichtbaarder:  de buurt knapt op, de Amsterdamse School-gevels stralen weer en er komt hippe horeca, ook aan het plein van de kerk.  Je hoort steeds vaker dat mensen trots zijn op deze buurt.  Een bijzondere ontwikkeling.

Het laat zich raden, dat deze ontwikkelingen ook gevolgen hebben voor de wijze waarop we als Jeruzalemkerk present proberen te zijn in de buurt. Het missionair-diaconaal project is nog steeds heel relevant, maar daarnaast woont er inmiddels een heel andere doelgroep in de wijk. Mensen die welgesteld, creatief en cultureel geïnteresseerd zijn.  Een groep mensen die trouwens overeenkomt met een groeiend aantal leden van de Jeruzalemkerk.

Wat betekent dit voor het missionaire werk? Dat er opnieuw wisselwerking ontstaat tussen die deels nieuwe context en de missionaire roeping die we willen volgen. En dus  zijn we inmiddels een tweede spoor aan het uitzetten, met activiteiten die in en vanuit de in cultureel opzicht bijzondere Jeruzalemkerk plaatsvinden.  Zo hebben we vorig jaar aansluiting gezocht bij de door het stadsdeel georganiseerde Juni Kunstmaand, in een evenement dat het culturele leven in De Baarsjes moet stimuleren. Vorig jaar boden we alleen een podium, dit jaar zijn we veel proactiever op zoek gegaan naar een programma waarin kunst en geloof in gesprek raken.  Heel spannend is dat, maar ook vruchtbaar.


Als kerken in Nederland hebben we één en dezelfde missionaire roeping. Maar hoe het werk vorm krijgt hang helemaal af van de context. Het Evangelie is niet cultuurgebonden!

maandag 1 september 2008

Column 1: Gods lange adem voor Amsterdam-West

(De columns in CV/Koers - nu Nieuwe Koers - verschenen in 2007 en 2008)


In dit blad wordt nogal wat aandacht besteed aan gemeentestichting in de stad. Terecht, want gemeentestichting blijkt een krachtige impuls te hebben gegeven aan het (missionair) kerk-zijn in steden als Amsterdam. Gelukkig zijn er echter ook  opnieuw kansen voor bestaande gemeenten zoals de Jeruzalemkerkgemeente . In september 2006 ben ik daar bevestigd als missionair-gemeentepredikant en in de komende maanden hoop ik enkele van mijn ervaringen te delen.

Eerst maar even kennismaken dus. De Jeruzalemkerk is een prachtig, monumentaal gebouw in de stijl van de Amsterdamse School, een door steeds meer Nederlanders zeer bewonderde bouwstijl. Dit kerkgebouw werd in de jaren twintig gebouwd, tegelijk met de nieuwe wijk die toen werd gebouwd: De Baarsjes, in Amsterdam-West. Deze kerk moest echt een kerk ván en ín de buurt worden, hetgeen zichtbaar werd gemaakt door het gebouw aan en deels in een huizenblok te bouwen. Dit huis van God moest dicht bij de mensen staan, een prachtige  visie dus.

Sinds de opening in 1929 kende de gemeente een bewogen geschiedenis, met als dieptepunt een moment begin jaren zeventig: een vervallen kerkgebouw en nauwelijks meer bezoekers. Sluiting van de kerk dreigde. Op dat moment besloot het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond dat er een doorstart gemaakt moest worden. Gemeentestichting avant la lettre, zeg ik vaak met een knipoog. Dit besluit is in de jaren die volgden rijk gezegend. Achtereenvolgens wisten ds. Van der Sluys en Van Andel zich geroepen in deze gemeente aan het werk te gaan, met geloof, hoop en veel liefde voor de stad. Een bloeitijd volgde, daarna weer een tijd van vergrijzing en vervolgens zette de laatste jaren de verjonging weer in. En in de twee jaar dat ik nu bezig ben, heeft de groei stevig doorgezet.


Ik vind het belangrijk om deze serie columns met een stukje geschiedenis te beginnen. De reden is deze: missionair kerk-zijn in Amsterdam is een dynamisch gebeuren, waarin we op creatieve manieren naar nieuwe wegen moeten zoeken. Dat doen we dan ook. Maar juist in die dynamiek is het ontzettend belangrijk om te beseffen, dat we het ook in de dynamiek van de stad moeten hebben van de trouw van God.  En die trouw van God werd weer weerspiegeld door mensen die ons voorgingen en die  trouw bleven aan de kerk in de stad. De Geest openbaart zich hier als Gods lange adem. Hij heeft blijkbaar nog plannen met dit plekje in West!

donderdag 22 november 2007

Discipelschap

(Deze blog verscheen op 23 november 2007 op de site van de Jeruzalemkerk)

In de het afgelopen jaar is in onze gemeente het thema ‘discipelschap’ komen bovendrijven. In toenemende mate lijkt dit een vruchtbaar thema voor onze bezinning op de vraag hoe we als christenen in de gemeente kunnen worden gevormd voor ons staan in deze stad. Ik geef een paar impressies van ‘werkplaatsen’ rond dit thema

Leeskring Dallas Willard
Voor mij begon het allemaal met een boek. Een boek van een schrijver die ik tot vorig jaar niet kende, maar die in de missionaire literatuur van de laatste tijd regelmatig werd genoemd. De aanbeveling die me raakte en nieuwsgierig maakte was:  ‘De boeken van Dallas Willard hebben mijn leven veranderd’.  Ik kocht daarom een boek van hem, het meestgenoemde: The Divine Conspiracy, een boek over de Bergrede.  Het was alsof er een wereld voor me open ging. Nog nooit eerder – ook bij iemand als Bonhoeffer niet!- had ik zo’n inspirerend boek over navolging en discipelschap gelezen! Ik kocht dus meer boeken van hem, ontdekte dat ze allemaal uit een weer andere invalshoek over discipelschap gaan en begon te merken hoe wat ik las mijn gedachten en mijn hart begon te veranderen. Na bijna een jaar kan ik niet anders zeggen dan dit: de boeken van Dallas Willard hebben ook mijn leven veranderd.
Wat is zijn geheim? Daar is veel over te zeggen. Om te beginnen zijn ze intelligent en helder, dat scheelt al heel veel. Maar belangrijker is, dat ze helemaal geworteld zijn in het onderwijs van Jezus. Het kernthema is: wie is je leraar? Wiens ideeën bepalen werkelijk de richting van je leven? En zou je bereid zijn, om Jezus echt als je leraar te aanvaarden, om door hem alle terreinen van je leven te laten aanraken en veranderen? Wonderlijk is, dat alle thema’s die hij aansnijdt op zich niet nieuw zijn, maar in de wijze waarop hij ze verwoordt en praktisch maakt klinken ze wel als nieuw. En bovenal:  het onderwijs in deze boeken heeft mij – en blijkbaar ook anderen- over verschillende tot nu toe onneembare geestelijke hobbels heengetild. Kortom: ik vind het een ontdekking.
Inmiddels heb ik geprobeerd wat ik ontdekt heb op verschillende momenten te delen in de gemeente en met anderen.  Voor het eerst deed ik dat tijdens de gemeentedagen in mei (zie de preken van hemelvaartsdag en de dag daarna op mijn website) en afgelopen donderdag deed ik het tijdens een leeskring. We lazen daar niet het hiervoor genoemde boek (omdat dit nog niet vertaald is;  is wel onderweg), maar een vertaling van het boek Renovation of the Heart. In het Nederlands heet dat: Heel je ziel en zaligheid. Ik was heel benieuwd hoe de anderen de kennismaking met Willard hadden ervaren en ik was dan ook zeer verheugd te merken dat ze eigenlijk allemaal net zo verrast waren als ik. We hadden een mooi gesprek en concludeerden aan het eind van de avond, dat we het boek nog maar eens herlezen en dan in maart of april weer eens bij elkaar komen. Ondertussen proberen we dan ook anderen aan het lezen te krijgen, om in een grotere groep weer eens te spreken.  Maar het ziet er naar uit, dat we met het thema discipelschap een thema te pakken hebben, dat ons echt verder gaat helpen, voor toerusting van gemeenteleden en voor gesprekken met ‘buitenstaanders’.

Gemeenteavond rond nieuwe beleidsplan
Inmiddels hebben we in de kerkenraad de beslissing genomen, om voor het nieuwe beleidsplan het thema discipelschap tot kernthema te maken. Mattheüs 28: 16-20 is tot kerntekst gekozen, vanwege ‘grote zendingsopdracht’, maar ook vanwege de heldere verwoording van het begrip discipelschap: ‘alles leren onderhouden wat Jezus heeft opgedragen’. In een visiedocument is een en ander verder uitgewerkt en tijdens de gemeenteavond vorige week hebben we hier verder over gesproken. We hadden alle commissies in onze gemeente (wij noemen ze ministries) gevraagd aan de hand van dit visiedocument na te denken over het beleid van de komende paar jaar en over hun aanzetten hebben we in groepjes doorgepraat. Ik denk dat het een mooie avond was, waarop ik de indruk kreeg dat ook hier het thema ‘discipelschap’ begint te leven.  Dit krijgt dus wel een vervolg en hopelijk lukt het ons om heel geconcentreerd te blijven op wat we als roeping zien.

Belijdeniscatechese als discipelschapstraining
Sinds een aantal jaar gebruikte ik voor mijn belijdeniscatechese een opzet die er in bestond dat ik de drie belijdenisvragen in 18 deelthema’s had verdeeld, waar we dan telkens een avond over spraken.  Voor de vakantie besloot ik dit jaar iets nieuws te proberen: een cursus die het thema discipelschap als leidraad en de Bergrede (Mattheüs 5-7) als basis heeft.  Als leerboek gebruiken we The Divine Conspiracy (voor de meesten is het engels te doen, volgend jaar is er hopelijk een vertaling) en tijdens de avonden gebruiken we een werkblad met daarop een stukje uit de Bergrede en verwante teksten uit de hele bijbel. Verder heb ik er tweejarig traject van gemaakt, dat wil zeggen: wie wil kan twee jaar meedoen, ook als hij na één jaar belijdenis deed. Twee mensen hebben daar gebruik gemaakt.

Bevalt het? Ik vind het een openbaring en uit wat ik terughoor zijn we echt met wat goeds bezig.  En steeds denk ik maar weer: waarom ben ik daar toch niet eerder op gekomen. Het ligt zo voor de hand: Jezus als je Leraar. Gelukkig dat ik het alsnog ontdekt heb.